Emissieloos materieel in de bouw

GraverIn de bouw komt steeds meer aandacht voor de inzet van emissieloze mobiele werktuigen. Dit draagt bij aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord, het Schone Lucht Akkoord en de adviezen van de Commissie Remkes over het stikstofbeleid. Naar schatting 80% van het materieel zal voor 2030 worden vervangen. Dit hoge aandeel biedt mogelijkheden om bij de overgang naar emissieloze mobiele werktuigen aan te sluiten op de natuurlijke vervangingsmomenten zodat niet vroegtijdig hoeft te worden afgeschreven.

Voor lichte mobiele werktuigen is vervanging door emissieloze alternatieven momenteel financieel aantrekkelijk. Wel zijn er operationele knelpunten zoals de energievoorziening op de bouwplaats en ontbreekt nog praktijkervaring in de exploitatie. Voor het zware materieel geldt dat naast deze knelpunten de financieel-economische balans momenteel nog ongunstig is. Gericht overheidsbeleid kan de inzet van emissieloos materieel versnellen, bijvoorbeeld in de vorm van subsidies en het opzetten van voorbeeldprojecten. Dit concludeert het EIB (Economisch Instituut voor de Bouw) in de studie ‘Mobiele werktuigen in de bouw; financieel-economische analyse van emissieloos materieel’ die in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat is uitgevoerd.